DUISTERE MACHTEN

Gestalten van het kwaad in de wereld van de islam

Een tentoonstelling van recente boeken uit de Arabische wereld, Turkije en Indonesië in de Leidse Universiteitsbibliotheek,
6 december 2000 - 29 januari 2001

Samenstelling: Arnoud Vrolijk & Jan Just Witkam

INHOUD

Duistere machten

  1. De hellestraf als sanctie

  2. Satan en zijn werken

  3. Geesten en magie

  4. De Antichrist

  5. De koran als afweermiddel

  6. Het secularisme en het modernisme

  7. Verboden genotsmiddelen

  8. Vrouwen

  9. Islamitische dictators

  10. Terrorisme

  11. Buitenlandse ideologieën

  12. De Satanic Verses

  13. Het joodse gevaar

  14. Sex als zionistisch wapen

  15. De vertalingen van Mein Kampf

Register van auteurs, editeurs, vertalers,
illustratoren, plaatsen en uitgeverijen.


Het joodse gevaar


56klein.jpg (5124 bytes)[56] Yā muslimūn, al-Yahūd qādimūn, Muḥammad `Abd al-`Azīz Manṣūr. [Al-Qāhira] : Dār al-I`tiṣām, 
[1978].

 8435 C 36

‘O moslims, de joden komen eraan.’

Een analyse van het gedachtengoed en de strategieën van enkele Israëlische intellectuelen. Allereerst behandelt de auteur de Israëlische premier en voormalig terrorist Menachem Begin, aan wie de ergste bloedbaden in een halve eeuw geschiedenisb  van Palestina worden toegeschreven. Daarna behandelt hij Ben Gurion en het boek van Yael Dayan (de dochter van Moshe Dayan), New face in the mirror (1960). Hij besluit zijn exposé met een hoofdstuk over de positie van de Talmoed bij de joden.

De schrijver waarschuwt, niet toevallig in het jaar dat Israël en Egypte vrede sloten, tegen de illusie dat met terroristen als Begin geen veilige grenzen kunnen worden afgesproken. Hij schraagt zijn betoog nog met verschillende anti-joodse passages in de koran, bijvoorbeeld soera 5, vers 64: ‘En de joden zeggen: Gods hand is dichtgekepen. Mogen hun de handen dichtgeknepen worden en mogen zij vervloekt worden om wat zij zeggen ...’ De auteur roept op tot het hijsen van het vaandel van de ğihād, de ‘heilige oorlog’, en heeft zijn boek opgedragen ‘aan de helden die de vlag van de islam zullen hijsen boven de Rotskoepel en de Aqsa moskee’.

Het omslag toont een griezel met verward haar en gekleed in zwarte kleren die een lange grijphand uitsteekt naar de lezer. (JJW)

57klein.jpg (5071 bytes)[57] Al-Islām wa-al-mu’āmarāt al-Yahūdiyya, ta’līf Muḥammad Zakī al-Dīn Muḥammad Qāsim.
Ġardaqa :Dār al-Ṣafwa, 1410/1990.

8335 B 30

‘De islam en de joodse samenzweringen.’

Onder de joodse samenzweringen die de islam bedreigen verstaat de auteur niet alleen het zionisme, maar ook al die geheime genootschappen en sekten die actief zijn in de wereld van de islam. Allereerst is dat de vrijmetselarij, die vrijwel altijd in  het haatrepertoire van de auteurs van dit soort boeken voorkomt. In deze studie gaat de auteur nog wat verder en behandelt ook de duistere motieven van de Rotary, ‘het andere gezicht van de vrijmetselarij’, de Zevendedagadventisten en de Jehovah getuigen. Daarna worden de Qadiyani’s behandeld, die in Nederland meestal Ahmadiyya moslims genoemd worden, maar die in de islam als afvalligen worden beschouwd omdat zij het leerstuk dat de profeet Mohammad de laatste boodschapper van God was verwerpen ten gunste van hun eigen leider Gholam Ahmad Qadiyani (1835-1908). Ten slotte worden de babi’s, een (tegenwoordig niet meer bestaande) 19e-eeuwse afsplitsing uit de extreme shi`a in Iran, en hun opvolgers, de baha’is, die tot een wereldgodsdienst zijn uitgegroeid. Van al deze groepen worden de geschiedenis, de persoon van de stichter, de belangrijkste leerstellingen, de voorwaarden van lidmaatschap en hun anti-islamitische activiteit beschreven. Het spreekt welhaast vanzelf dat zij alle in feite joodse mantelorganisaties zijn. Het boek eindigt met een oproep tot redding van de Aqsa-moskee die door vernietiging wordt bedreigd.

Een abstract omslagontwerp, met een vijf(!)armige kandelaar en de davidsster, geprojecteerd op wat lijkt op land en lucht. (JJW)

58klein.jpg (6444 bytes)[58] Al-Yahūd fī al-ẓalām : dirāsa `an al-wasā’il wa-al-mu’assasāt allatī ibtakarahā al-Yahūd ḍidd šu`ūb al-`ālam, kanāğir al-Māsūniyya wa-al-Rūtārī ... fī ẓuhūr al-ġarbiyyīn wa-al-šarqiyyīn, ta’līf Aḥmad Šalabī. Al-Qāhira : Al-Zahrā’, 1412/1992.
Omslagillustratie: ‘Muḥammad Nabīl.’

8304 D 49

‘Joden in de duisternis : studie over de middelen en organisaties, bedacht door de joden tegen de  volkeren der wereld. De dolken van de vrijmetselarij en de Rotary in de ruggen van westerlingen en oosterlingen.’

De auteur, die hoogleraar in de geschiedenis aan de Universiteit van Cairo is, neemt als uitgangspunt voor zijn betoog de ‘Protocollen van de Wijzen van Zion’, het gefingeerde verslag van een vergadering van joodse wijzen waarin het plan tot joodse wereldoverheersing wordt gesmeed. Vervolgens behandelt hij de ‘geheime joodse organisaties’ die naar wereldheerschappij streven en hun activiteiten in het Midden-Oosten. Deze zijn de vrijmetselarij, de Rotary, de Lions, Yoga (in 1976 in Cairo ontmaskerd als een politiek-religieuze organisatie die vanuit Israël werd gefinancierd, en onmiddellijk door de autoriteiten ontbonden), Jehovahgetuigen, het Babisme en het Baha’isme.

Het omslag vertoont een davidsster die de bovenzijde is van een ongenaakbaar gebouw, waarvan de fundamenten in het duister verdwijnen. (JJW)

59klein.jpg (5747 bytes) [59] Al-kammāša al-ṣahyūniyya fī al-sayṭara `alā wasā’il al-i`lām fī al-`ālam, i`dād Mabrūk `Abd al-Samī` Muṣṭafā. Al-Ṭā’if : Maktabat al-Ṣiddīq, 1416/1996.

(Silsilat Brūtūkūlāt ḥukamā’ Ṣahyūn wa-kaṭaruhā 
`alā al-da`wa al-Islāmiyya ; 3)

8436 D 63

‘De zionistische wurggreep op de macht over de internationale media.’ Deel 3 van de reeks ‘De  Protocollen van de wijzen van Zion en hun risico’s voor de islamitische geloofsverbreiding.’  
 
Dit is een Saoedi-Arabische publicatie. De auteur, die doceert bij de sectie ‘Islamitische geloofsverbreiding’, faculteit Fundamentele theologie, aan de Azhar-universiteit in Cairo, begint met de beschrijving van de de macht van de zionisten over de pers, de uitgeverij en de moderne media, en gaat dan verder in op de zionistische pogingen de media in de wereld te beheersen. Het tweede deel bevat plannen om de zionisten op hun eigen terrein te verslaan door het oprichten van islamitische uitgeverijen. Het boek eindigt met citaten uit de koran waaruit blijkt dat alle complotten tegen de islam zullen mislukken. ‘De strijd gaat door tot de jongste dag!’

Het omslag vertoont een wereldbol, met het Midden-Oosten en Noord-Afrika als een soort hart ingetekend, die door twee handen wordt vastgegrepen, de wurggreep uit de titel. (JJW)

60klein.jpg (4607 bytes)[60] Al-sūq al-Šarq-Awsaṭiyya : ru’ya Islāmiyya, Ḥusayn Ḥusayn Šiḥāta. Al-Manṣūra : Dār al-Kalima, 1418/1997. 
Omslagontwerp door al-Zuhayrī. 

8435 D 63

‘De Midden-Oosterse markt : een islamitisch gezichtspunt.’

De auteur, die hoogleraar is aan de Azhar-universiteit in Cairo, bespreekt in dit pamflet hoe zaken gedaan moeten worden met de joden. Dit  komt neer op een vrijwel totale boycott. Hij citeert verschillende rechtsgeleerde adviezen die directe of indirecte financiële transacties met de joden verbieden, en geeft zelf een lijst met vuistregels hoe zakenlieden en consumenten in dezen dienen te handelen (pp. 49-50). Dit alles gaat uit van de gedachte dat economie het sterkste wapen is dat de moslims tegen de joden hebben, en dat alleen daarmee Palestina bevrijd en de al-Aqsa moskee ontzet kan worden.

Het omslag vertoont wat kennelijk bedoeld is als een joods altaar, met een zevenarmige kandelaar. Ervoor liggen zakken met geld, kennelijk offers aan de Mammon. Tegen de achtergrond een landkaart van de regio. Van boven komen stralen goddelijk licht. (JJW)

61klein.jpg (5038 bytes)[61] Al-Ṣahyūniyya : siğill tārīkī aswad, bi-qalam Bāsil Marwān. Al-Manṣūra : Dār al-Kalima,  
1419/1998.

8436 D 62

‘Het zionisme : een historisch zwartboek.’

Het boekje bevat een lijst van Israëlische moordpartijen op Palestijnen in de periode van 1947-1996. De auteur kan, te oordelen aan zijn voornaam Bāsil, een Palestijn zijn. Meer dan een feitelijke opsomming van de gepleegde gruwelijkheden wordt niet gegeven, de feiten spreken  kennelijk voor zichzelf.

Op het omslag een montage van het Jeruzalemse heiligdom en een davidsster. (JJW).

62klein.jpg (6657 bytes)[62] Al-kaṭar al-Yahūdī :Brūtūkūlāt ḥukamā’ Ṣahyūn, tarğamat Muḥammad Kalīfa al-Tūnisī ; taqdīr al-kitāb [...] `Abbās Maḥmūd al-`Aqqād. Al-Qāhira : Maktabat Dār al-Turāt, 2e druk [ca. 1976].

8298 D 32

‘Het joodse gevaar : de “Protocollen van de wijzen van Zion”.’

Dit is een vertaling uit het Engels van The jewish peril. Protocols of the learned Elders of Zion. 5e druk London, ongedateerd, maar na 1921 (het jaar van publicatie van de vierde druk). Het bevat ook de inleiding door Sergej Nilus, die de ‘Protocollen’ in 1905 voor het eerst in het Russisch publiceerde. De Egyptische schrijver `Abbās Maḥmūd al-`Aqqād (1889-1964) heeft een appreciatie van deze vertaling van de ‘Protocollen’ geschreven. Door zijn grote gezag in de Arabische wereld werd het daardoor een ‘net’ boek.

¶ De ‘Protocollen van de wijzen van Zion’ is een berucht antisemitisch pamflet. Het bevat het fictieve verslag van een conferentie van joodse wijzen, waarin een plan wordt gesmeed om de wereld te overheersen. De tekst is een evidente vervalsing. Het blijkt een anonieme remake te zijn van een oudere tekst door Maurice Joly (1829-1878), getiteld Dialogue aux enfers entre Montesquieu et Machiavel, ou La politique de Machiavel au XIXe siècle par un contemporain, die met het impressum Genève in 1864 in Brussel werd gepubliceerd. De Dialogue was een tegen het regime van Napoleon III gerichte tekst, waarin Montesquieu voor het liberalisme stond en Machiavelli voor het cynische despotisme van Napoleon III. In de Dialogue worden Machiavelli (dus eigenlijk Napoleon III) constateringen over de toestand in Frankrijk in de mond gelegd, die in de ‘Protocollen’ door de wijze van Zion worden gesteld, maar dan als projectie in de toekomst. Het betreft in wezen dezelfde tekst, die in twee perioden voor geheel verschillende doeleinden is gebruikt.[6] De ‘Protocollen’ zijn in verschillende vertalingen in de Arabische wereld verspreid. De Leidse bibliotheek heeft er in de afgelopen twintig jaar drie van verzameld. In brede lagen van de bevolking van de Arabische landen wordt de tekst als een authentiek document beschouwd, een soort besluitenlijst van een vergadering waarin de joodse wereldheerschappij werd georganiseerd.

Ik herinner mij dat ik in 1971 een exemplaar van Norman Cohns Warrant for genocide cadeau deed aan een Arabische taaldocent, met wie ik destijds bevriend was. Ik vond het zo gênant dat hij heilig van de authenticiteit van de ‘Protocollen’ overtuigd was, dat ik meende dat ik hem uit de droom moest helpen. Het feit dat de ‘Protocollen’ een versluierd plagiaat waren van Jolys politieke tekst uit 1864 leek mij een doorslaggevend bewijs. De reactie van mijn Irakese vriend was even onverwacht als afdoend. Hij was oprecht gegêneerd door mijn naïviteit. Zwijgend wees hij op de achternaam van de auteur en legde vervolgens het boek terzijde. Dat ik nou toch niet begrepen had dat iemand met zo’n achternaam de ‘Protocollen’ wel moest goedpraten!

Het omslagontwerp toont een octopus met kromme neus die zich, als een spin midden in het web, in een davidsster vasthoudt. (JJW)

63klein.jpg (6235 bytes)[63] Yahudilik ve dönmeler, Yesevizade. İstanbul : Araştırma Yayınları, [ca. 1994]. 
Omslagillustratie: Selekta Ajans.

8301 B 7

‘Het jodendom en de joodse bekeerlingen tot de islam.’

De auteursnaam is mogelijk een pseudoniem. Dit Turkse boek behandelt de joodse aanwezigheid binnen de Turkse natiestaat. Uitgebreide aandacht krijgen de dönmeler, de joodse bekeerlingen tot de islam. Hun bekering werd zelden als oprecht  beschouwd en wat dat betreft deelden zij het tragische lot van de joodse bekeerlingen tot het christendom op het Iberisch schiereiland. Juist door hun bekering maakten zij zich extra verdacht, en moesten zij aanzien hoe het wantrouwen tegen hen eerder toe- dan afnam. In de geschiedenis heeft dat geleid tot vervolgingen van juist de groep van de dönmeler, en dat op een wijze die maar weinig verschilde van de methode waarmee de Spaanse inquisitie juist de maranen aanpakte. Uitvoerig laat de auteur zien dat er in Turkije een bevolkingsgroep is, de joden samen met de dönmeler, aan wier vaderlandsliefde en loyaliteit ernstig getwijfeld moet worden. De vele gereproduceerde knipsels geven het boek een soort documentaire authenticiteit. Het boek kwam uit in een tijd dat er in Turkije een antisemietische sfeer heerste die in Istanbul leidde tot een aanslag op een synagoge.

Het omslagontwerp toont een moeilijk te identificeren, enigszins spookachtig persoon (man of vrouw is niet duidelijk) die schuil gaat achter een masker en gehuld is in een alles bedekkend kleed. De door de ondergaande zon beschenen stormachtige lucht op de achtergrond geeft het omslag een extra-dramatische lading. (JJW)

64klein.jpg (6309 bytes)[64] Yehova’nın oğulları ve Masonlar : yeni dünya düzeni’nin gerçek mimarları. İstanbul : 
Bilim  Araştırma Grubu, 1993.

8304 A 6

‘De zonen van Jahweh en de vrijmetselaars : de werkelijke architecten van de nieuwe wereldorde.’

Dit anonieme overzicht brengt alle grote kwesties van de wereldpolitiek bijeen en verklaart deze door aan te nemen dat er een sinistere samenzwering van joden en vrijmetselaars bestaat. De vele gereproduceerde knipsels geven ook dit boek een  schijn van documentaire authenticiteit. Het boek begint met een kort overzicht van de joodse geschiedenis, dan volgt het relaas van de opname door de Osmanen van de Iberische joodse gemeenschappen, en hun succes in de Levantijnse financiële wereld. Het boek bevat verhandelingen over het ‘zionisme en de terreurstaat Israël’, het Europese fascisme en communisme, de invloed van de Mossad in Centraal-Azië, de Mossad als criminele organisatie, het Vaticaan en de zionistische pausen (met een excursus over de moordaanslag op de paus door de Turk Mehmed Ali Ağca), de banden tussen Mossad en CIA, het schandaal in Italië rond de P2 loge, de joodse lobby binnen de Nato, het contra-guerrilla project Gladio, de invloed van de vrijmetselaars op de ontwikkelingen in Bosnië-Herzegowina, de déconfiture van Somalië, de rekeningen die Israël op Cyprus te vereffenen heeft, de joodse invloeden rond de Zwarte Zee, Israël en de Koerden, antisemietistische provocaties in Turkije, de joodse invloeden binnen de Turkse society, en vervolgens nog een verhandeling over de dönmeler, de joodse bekeerlingen tot de islam. Het laatste hoofdstuk is wel heel kwaadaardig. Het bevat de ledenlijsten van verschillende Turkse vrijmetselaarsloges, compleet met foto’s van de leden en hun persoonlijke gegevens, adressen thuis en op het werk, telefoonnummers, enzovoort. Het is duidelijk dat dit niets minder is dan een hitlist voor wie iets tegen de Turkse vrijmetselarij wil ondernemen.

De omslagillustratie toont een wijze van Zion, zittend op wat niet anders geduid kan worden dan een brandstapel. In zijn rechterhand draagt hij een Tora-rol, in de linker hand houdt hij passer en haak, de symbolen van de vrijmetselarij. (JJW)

Begin van de pagina


Verder